Woordenlijst
Ests – Werkwoorden oefenen
bevorderen
We moeten alternatieven voor autoverkeer bevorderen.
arriveren
De taxi’s zijn bij de halte gearriveerd.
opschrijven
Je moet het wachtwoord opschrijven!
instellen
Je moet de klok instellen.
investeren
Waar moeten we ons geld in investeren?
vertalen
Hij kan tussen zes talen vertalen.
winnen
Hij probeert te winnen met schaken.
moeten gaan
Ik heb dringend vakantie nodig; ik moet gaan!
willen
Hij wil te veel!
met de trein gaan
Ik ga er met de trein heen.
noemen
Hoeveel landen kun je noemen?