Woordenlijst
Tsjechisch – Werkwoorden oefenen
negeren
Het kind negeert de woorden van zijn moeder.
open laten
Wie de ramen open laat, nodigt inbrekers uit!
uitslapen
Ze willen eindelijk eens een nacht uitslapen.
hangen
Ze hangen beide aan een tak.
wachten
We moeten nog een maand wachten.
voorstellen
De vrouw stelt iets voor aan haar vriendin.
zwemmen
Ze zwemt regelmatig.
bezoeken
Een oude vriend bezoekt haar.
plaatsvinden
De begrafenis vond eergisteren plaats.
achterliggen
De tijd van haar jeugd ligt ver achter haar.
wegjagen
De ene zwaan jaagt de andere weg.