Woordenlijst
Turks – Werkwoorden oefenen
uitspringen
De vis springt uit het water.
geven
De vader wil zijn zoon wat extra geld geven.
met de trein gaan
Ik ga er met de trein heen.
genieten
Ze geniet van het leven.
oefenen
Hij oefent elke dag met zijn skateboard.
herinneren
De computer herinnert me aan mijn afspraken.
beschrijven
Hoe kun je kleuren beschrijven?
evalueren
Hij evalueert de prestaties van het bedrijf.
openen
Het festival werd geopend met vuurwerk.
nodig hebben
Je hebt een krik nodig om een band te verwisselen.
handelen
Mensen handelen in gebruikte meubels.