Woordenlijst
Bulgaars – Werkwoorden oefenen
sturen
Hij stuurt een brief.
deelnemen
Hij neemt deel aan de race.
binnenkomen
Hij komt de hotelkamer binnen.
horen
Ik kan je niet horen!
bereiden
Ze bereiden een heerlijke maaltijd.
sturen
Ik heb je een bericht gestuurd.
opstaan
Ze kan niet meer zelfstandig opstaan.
produceren
Men kan goedkoper produceren met robots.
schoonmaken
De werker maakt het raam schoon.
bedienen
De chef bedient ons vandaag zelf.
schilderen
Ik wil mijn appartement schilderen.