Woordenlijst
Leer bijwoorden – Engels (US)
again
He writes everything again.
opnieuw
Hij schrijft alles opnieuw.
all day
The mother has to work all day.
de hele dag
De moeder moet de hele dag werken.
but
The house is small but romantic.
maar
Het huis is klein maar romantisch.
down
He falls down from above.
naar beneden
Hij valt van boven naar beneden.
there
The goal is there.
daar
Het doel is daar.
more
Older children receive more pocket money.
meer
Oudere kinderen krijgen meer zakgeld.
why
Children want to know why everything is as it is.
waarom
Kinderen willen weten waarom alles is zoals het is.
all
Here you can see all flags of the world.
alle
Hier kun je alle vlaggen van de wereld zien.
in
The two are coming in.
in
De twee komen binnen.
alone
I am enjoying the evening all alone.
alleen
Ik geniet van de avond helemaal alleen.
almost
It is almost midnight.
bijna
Het is bijna middernacht.