Woordenlijst
Leer bijwoorden – Sloveens
pol
Kozarec je pol prazen.
half
Het glas is half leeg.
proč
Plen nosi proč.
weg
Hij draagt de prooi weg.
tja
Pojdi tja, nato vprašaj znova.
daar
Ga daarheen, vraag dan opnieuw.
zastonj
Sončna energija je zastonj.
gratis
Zonne-energie is gratis.
enako
Ti ljudje so različni, vendar enako optimistični!
even
Deze mensen zijn verschillend, maar even optimistisch!
tudi
Pes tudi sme sedeti za mizo.
ook
De hond mag ook aan tafel zitten.
dol
Pade dol z vrha.
naar beneden
Hij valt van boven naar beneden.
v
Ali gre noter ali ven?
in
Gaat hij naar binnen of naar buiten?
malo
Želim malo več.
een beetje
Ik wil een beetje meer.
prej
Bila je debelejša prej kot zdaj.
voor
Ze was voorheen dikker dan nu.
dovolj
Hoče spati in ima dovolj hrupa.
genoeg
Ze wil slapen en heeft genoeg van het lawaai.