Woordenlijst

Leer bijwoorden – Frans

cms/adverbs-webp/121564016.webp
longtemps
J‘ai dû attendre longtemps dans la salle d‘attente.
lang
Ik moest lang in de wachtkamer wachten.
cms/adverbs-webp/29021965.webp
pas
Je n‘aime pas le cactus.
niet
Ik hou niet van de cactus.
cms/adverbs-webp/75164594.webp
souvent
On ne voit pas souvent des tornades.
vaak
Tornado‘s worden niet vaak gezien.
cms/adverbs-webp/10272391.webp
déjà
Il est déjà endormi.
al
Hij slaapt al.
cms/adverbs-webp/46438183.webp
avant
Elle était plus grosse avant qu‘aujourd‘hui.
voor
Ze was voorheen dikker dan nu.
cms/adverbs-webp/142768107.webp
jamais
On ne devrait jamais abandonner.
nooit
Men moet nooit opgeven.
cms/adverbs-webp/71970202.webp
assez
Elle est assez mince.
behoorlijk
Ze is behoorlijk slank.
cms/adverbs-webp/135100113.webp
toujours
Il y avait toujours un lac ici.
altijd
Hier was altijd een meer.
cms/adverbs-webp/132510111.webp
la nuit
La lune brille la nuit.
‘s nachts
De maan schijnt ‘s nachts.
cms/adverbs-webp/154535502.webp
bientôt
Un bâtiment commercial ouvrira ici bientôt.
binnenkort
Hier wordt binnenkort een commercieel gebouw geopend.
cms/adverbs-webp/162590515.webp
assez
Elle veut dormir et en a assez du bruit.
genoeg
Ze wil slapen en heeft genoeg van het lawaai.
cms/adverbs-webp/80929954.webp
plus
Les enfants plus âgés reçoivent plus d‘argent de poche.
meer
Oudere kinderen krijgen meer zakgeld.