Vortprovizo
Lernu Verbojn – nederlanda
optrekken
De helikopter trekt de twee mannen omhoog.
suprentiri
La helikoptero suprentiras la du virojn.
vertegenwoordigen
Advocaten vertegenwoordigen hun cliënten in de rechtbank.
reprezenti
Advokatoj reprezentas siajn klientojn en juĝejo.
uitzetten
Ze zet de elektriciteit uit.
malŝalti
Ŝi malŝaltas la elektron.
nemen
Ze moet veel medicatie nemen.
preni
Ŝi devas preni multe da medikamentoj.
deelnemen
Hij neemt deel aan de race.
partopreni
Li partoprenas en la vetkuro.
bereiden
Ze bereidt een taart.
prepari
Ŝi preparas kukon.
protesteren
Mensen protesteren tegen onrecht.
protesti
Homoj protestas kontraŭ maljusteco.
langskomen
De artsen komen elke dag bij de patiënt langs.
viziti
La kuracistoj vizitas la pacienton ĉiutage.
bestrijden
De brandweer bestrijdt het vuur vanuit de lucht.
batali
La fajrobrigado batalas la fajron el la aero.
failliet gaan
Het bedrijf gaat waarschijnlijk binnenkort failliet.
bankroti
La firmao probable bankrotos baldaŭ.
drijven
De cowboys drijven het vee met paarden.
peli
La bovistoj pelas la brutaron per ĉevaloj.