Wortschatz
Adverbien lernen – Niederländisch
gratis
Zonne-energie is gratis.
gratis
Sonnenenergie ist gratis.
morgen
Niemand weet wat morgen zal zijn.
morgen
Niemand weiß, was morgen sein wird.
erg
Het kind is erg hongerig.
sehr
Das Kind ist sehr hungrig.
altijd
Hier was altijd een meer.
immer
Hier war immer ein See.
ook
De hond mag ook aan tafel zitten.
auch
Der Hund darf auch am Tisch sitzen.
maar
Het huis is klein maar romantisch.
aber
Das Haus ist klein aber romantisch.
correct
Het woord is niet correct gespeld.
richtig
Das Wort ist nicht richtig geschrieben.
vaak
Tornado‘s worden niet vaak gezien.
oft
Tornados sieht man nicht oft.
samen
We leren samen in een kleine groep.
miteinander
Wir lernen miteinander in einer kleinen Gruppe.
nooit
Men moet nooit opgeven.
niemals
Man darf niemals aufgeben.
beneden
Hij ligt beneden op de vloer.
unten
Er liegt unten auf dem Boden.