Ordforråd
Lær adjektiver – Dutch
bruin
een bruine houten muur
brun
ei brun tømmervegg
juist
een juiste gedachte
riktig
ein riktig tanke
vriendschappelijk
de vriendschappelijke omhelzing
vennleg
den vennlege klemmen
verwant
de verwante handgebaren
beslektet
de beslektede håndtegnene
verliefd
het verliefde stel
forelska
det forelska paret
drievoudig
de drievoudige mobiele chip
tredobbel
den tredobbelte mobilchipen
grappig
de grappige verkleedpartij
morsom
den morsomme utkledninga
ernstig
een ernstige overstroming
ille
eit ille flom
horizontaal
de horizontale lijn
horisontal
den horisontale linja
menselijk
een menselijke reactie
menneskeleg
ein menneskeleg reaksjon
Fins
de Finse hoofdstad
finsk
den finske hovudstaden