Woordenlijst

Leer bijwoorden – Bosnisch

cms/adverbs-webp/10272391.webp
već
On je već zaspao.
al
Hij slaapt al.
cms/adverbs-webp/23025866.webp
cijeli dan
Majka mora raditi cijeli dan.
de hele dag
De moeder moet de hele dag werken.
cms/adverbs-webp/176427272.webp
dolje
On pada dolje s vrha.
naar beneden
Hij valt van boven naar beneden.
cms/adverbs-webp/123249091.webp
zajedno
Oboje vole igrati zajedno.
samen
De twee spelen graag samen.
cms/adverbs-webp/155080149.webp
zašto
Djeca žele znati zašto je sve kako jest.
waarom
Kinderen willen weten waarom alles is zoals het is.
cms/adverbs-webp/176235848.webp
unutra
Dvoje ulazi unutra.
in
De twee komen binnen.
cms/adverbs-webp/178600973.webp
nešto
Vidim nešto zanimljivo!
iets
Ik zie iets interessants!
cms/adverbs-webp/76773039.webp
previše
Posao mi postaje previše.
te veel
Het werk wordt me te veel.
cms/adverbs-webp/178653470.webp
vani
Danas jedemo vani.
buiten
We eten vandaag buiten.
cms/adverbs-webp/135007403.webp
unutra
Da li on ulazi unutra ili izlazi?
in
Gaat hij naar binnen of naar buiten?
cms/adverbs-webp/71109632.webp
stvarno
Mogu li to stvarno vjerovati?
echt
Kan ik dat echt geloven?
cms/adverbs-webp/96228114.webp
sada
Da ga sada nazovem?
nu
Moet ik hem nu bellen?