Ordforråd

Lær adverb – nederlandsk

cms/adverbs-webp/128130222.webp
samen
We leren samen in een kleine groep.
sammen
Vi lærer sammen i en liten gruppe.
cms/adverbs-webp/135007403.webp
in
Gaat hij naar binnen of naar buiten?
inn
Går han inn eller ut?
cms/adverbs-webp/178653470.webp
buiten
We eten vandaag buiten.
ute
Vi spiser ute i dag.
cms/adverbs-webp/141168910.webp
daar
Het doel is daar.
der
Målet er der.
cms/adverbs-webp/7659833.webp
gratis
Zonne-energie is gratis.
gratis
Solenergi er gratis.
cms/adverbs-webp/138988656.webp
altijd
Je kunt ons altijd bellen.
når som helst
Du kan ringe oss når som helst.
cms/adverbs-webp/38216306.webp
ook
Haar vriendin is ook dronken.
også
Venninnen hennes er også full.
cms/adverbs-webp/38720387.webp
naar beneden
Ze springt naar beneden in het water.
ned
Hun hopper ned i vannet.
cms/adverbs-webp/93260151.webp
nooit
Ga nooit met schoenen aan naar bed!
aldri
Gå aldri til sengs med sko på!
cms/adverbs-webp/176235848.webp
in
De twee komen binnen.
inn
De to kommer inn.
cms/adverbs-webp/71109632.webp
echt
Kan ik dat echt geloven?
virkelig
Kan jeg virkelig tro på det?
cms/adverbs-webp/145489181.webp
misschien
Ze wil misschien in een ander land wonen.
kanskje
Hun vil kanskje bo i et annet land.