Vortprovizo

Lernu Verbojn – nederlanda

cms/verbs-webp/84314162.webp
uitspreiden
Hij spreidt zijn armen wijd uit.
etendi
Li etendas siajn brakojn larĝe.
cms/verbs-webp/120220195.webp
verkopen
De handelaren verkopen veel goederen.
vendi
La komercistoj vendas multajn varojn.
cms/verbs-webp/96476544.webp
vaststellen
De datum wordt vastgesteld.
fiksi
La dato estas fiksata.
cms/verbs-webp/109542274.webp
doorlaten
Moeten vluchtelingen aan de grenzen worden doorgelaten?
lasi tra
Ĉu oni devus lasi rifugintojn tra la limoj?
cms/verbs-webp/94796902.webp
de weg terugvinden
Ik kan de weg terug niet vinden.
retrovi sian vojon
Mi ne povas retrovi mian vojon reen.
cms/verbs-webp/118485571.webp
doen voor
Ze willen iets voor hun gezondheid doen.
fari
Ili volas fari ion por sia sano.
cms/verbs-webp/60111551.webp
nemen
Ze moet veel medicatie nemen.
preni
Ŝi devas preni multe da medikamentoj.
cms/verbs-webp/81236678.webp
missen
Ze heeft een belangrijke afspraak gemist.
manki
Ŝi mankis gravan rendevuon.
cms/verbs-webp/60395424.webp
rondspringen
Het kind springt vrolijk in het rond.
saltadi
La infano ĝoje saltadas.
cms/verbs-webp/19351700.webp
voorzien
Strandstoelen worden voor de vakantiegangers voorzien.
provizi
Plaĝseĝoj estas provizitaj por la turistoj.
cms/verbs-webp/40477981.webp
bekend zijn met
Ze is niet bekend met elektriciteit.
koni
Ŝi ne konas elektrecon.
cms/verbs-webp/121180353.webp
verliezen
Wacht, je hebt je portemonnee verloren!
perdi
Atendu, vi perdis vian monujon!