Woordenlijst
Afrikaans – Bijvoeglijke naamwoorden oefenen
onvoorzichtig
het onvoorzichtige kind
oranje
oranje abrikozen
failliet
de failliete persoon
somber
een sombere hemel
afgehandeld
de afgehandelde sneeuwruiming
droog
de droge was
aanwezig
een aanwezige bel
verticaal
een verticale rots
geweldig
een geweldig rotslandschap
moe
een vermoeide vrouw
bruin
een bruine houten muur