Testen 1

Nederlands » Portugees (BR)



Datum:
Tijd besteed aan testen::
Score:


Mon May 25, 2026

0/10

Klik op een woord
1. ik en jij
eu tu / eu e você   See hint
2. De vijfde dag is vrijdag.
O quinto dia é a   See hint
3. Het is koud vandaag.
Hoje frio   See hint
4. Bent u een taalcursus aan het volgen?
Você está fazendo um de línguas?   See hint
5. Ik wil graag thee met citroen.
Eu um chá com limão   See hint
6. Wanneer landen we?
Quando ?   See hint
7. Waar is het kasteel?
Onde o palácio / castelo?   See hint
8. Je hebt zakdoeken, zeep en een nagelschaar nodig.
Você de lenços, sabão e uma cortador de unhas   See hint
9. Wie help jij?
você está ajudando?   See hint
10. Heeft u een tafel gereserveerd?
reservou uma mesa?   See hint