Testen 45



Datum:
Tijd besteed aan testen::
Score:


Fri Jan 16, 2026

0/10

Klik op een woord
1. Spreken jullie allebei Duits?
Ĉu vi parolas la germanan?   See hint
2. Waar gaan ze graag heen?
ili ŝatas iri?   See hint
3. Heb je een flessenopener?
Ĉu vi havas ?   See hint
4. Die vogel vind ik mooi.
birdo plaĉas al mi   See hint
5. En drie keer braadworst met mosterd.
Kaj tri rostitajn kolbasojn kun   See hint
6. Ik heb haast.
7. Is hier een kroeg?
Ĉu estas drinkejo ?   See hint
8. Waar is het kleedhokje?
Kie estas la ?   See hint
9. Dat vind ik erg leuk.
Tio multe al mi   See hint
10. De schoenen staan ​​bij de voordeur.
La ŝuoj ĉe la antaŭa pordo   See hint